7 september 2016

Column 2: Kanker "krijgen"

John RamaekersBeste collega’s,
 
Soms zit taal raar in elkaar. Je krijgt kanker. Alsof het een cadeau is. Twee jaar geleden heb ik kanker “gekregen”.
“Hoe gaat het met je?”
“Niet zo goed.”
“Oh?”
“Ik heb kanker.”
Hoe anders klinkt dat als: ik heb mijn been gebroken, of: ik heb een hernia. De laatste twee klinken niet zo verontrustend. Dat komt wel goed. Bij de mededeling ik heb kanker, schrikt de gesprekspartner meestal behoorlijk en wordt het even stil. De volgende vraag: “wat voor kanker?” (als die al gesteld wordt). “Borstkanker, of een tumor of prostaatkanker of ….” “Oh, maar dat is toch goed te behandelen tegenwoordig, toch?”
Dat woordje “toch” erachter... Bloedirritant.
 
Ja, alles is te behandelen. De ene vorm van kanker beter als de andere. Maar sommige vormen niet. Dan ben je binnen de kortste keren weg. Vaarwel leven, vaarwel alles. Het ga jullie goed, ik wil niet weg maar ben te ziek om hier te mogen blijven. De rotzooi vreet mij op, mijn lijf trekt het niet meer. Maar als je “te behandelen bent”, blijf je in leven. Je omgeving vindt dat het goed met je gaat, want je bent niet dood. Nee, je bent niet dood. Maar wat je allemaal meemaakt, ziet de omgeving niet. Wel lotgenoten en je “nabij-staanden”, die met je mee huiveren. Die het dagelijks gevecht zien en er onderdeel van zijn. Die vaak nog erger lijden dan jezelf. 
 
Jawel, de medici doen er alles aan om je te laten genezen. Oh, hoe dankbaar ben ik hen, dat zij er alles aan doen dat ik nog een tijdje op de wereld mag blijven. Maar met hun therapieën beschadigen zij mij ook, voor het leven. Ze halen borsten weg, of castreren mannelijke patiënten chemisch met hormoon therapieën. 
 
En de omgeving zegt: zie je wel, ze kunnen het goed behandelen. Het is niet fijn om te zeggen wat de behandelingsgevolgen zijn, te praten over de verminkingen. Die ziet de omgeving niet,want je bent er nog. 
 
Fijn dat het goed met je gaat…..